Wat moet er in de inleiding van mijn scriptie staan?
In de inleiding van je scriptie moet alles staan wat nodig is om je onderzoeksvraag te begrijpen en duidelijk maken hoe je die onderzoeksvraag daadwerkelijk gaat onderzoeken.
Je begint met het introduceren van het onderzoeksveld waarbinnen de onderzoeksvraag is ontstaan, hoe je tot je vraag bent gekomen – dus waarom je die vraag interessant vindt (je motivatie) en waarom de vraag wetenschappelijk relevant is, bv. omdat het antwoord op die vraag nog niet bekend is, of omdat er tegengestelde meningen over het antwoord op die vraag zijn. Dit geeft je gelegenheid de stand van zaken van het onderzoek tot nu toe kort toe te lichten. Je noemt hier ook kort de bronnen die belangrijk zijn voor je onderzoek en die je verderop nader toelicht. Verder beargumenteer je de maatschappelijke relevantie van het antwoord op de onderzoeksvraag – waarom is het belangrijk voor de samenleving dat deze vraag beantwoord wordt? Je stelt je onderzoeksvraag zo, dat hij niet met een simpel ja of nee te beantwoorden is. De onderzoeksvraag moet niet te breed en concreet genoeg zijn om in een scriptie van bepaalde omvang beantwoord te worden. Elk deel van de onderzoeksvraag moet begrijpelijk zijn, dus als er vaktermen in voorkomen geef je meteen in de inleiding de korte definities hiervan. Vervolgens geef je aan in welke deelvragen je hoofdvraag uiteenvalt: wat moet je eerst beantwoorden voordat je je onderzoeksvraag kunt beantwoorden? Deze deelvragen geven je scriptie meteen structuur: in hoofdstuk 1 beantwoord je de eerste deelvraag, in hoofdstuk 2 de tweede en in hoofdstuk 3 de derde (enz.). Je omschrijft ook kort de methode van je onderzoek – literatuurstudie en waar je je bronnen vindt, doe je kwalitatief of kwantitatief onderzoek, moet je een product maken om je onderzoeksvraag te beantwoorden en wat heb je hiervoor nodig? Eventueel voeg je toe wat je verwacht dat de uitkomst van je onderzoek zal zijn – je hypothese. Deze inleiding die je aan het begin van je daadwerkelijke onderzoek schrijft (na je algemene literatuuronderzoek, maar voor je gedetailleerde literatuuronderzoek) dient als richtlijn voor je verdere onderzoek en biedt structuur. Als je onderzoek helemaal af is herschrijf je deze inleiding – soms maar heel oppervlakkig, maar soms ook vrij radicaal. Dit laatste bijvoorbeeld als je tijdens je onderzoek je onderzoeksvraag hebt moeten aanpassen. Uiteindelijk is je inleiding het laatste wat je schrijft of moet aanpassen.